Home

Rechtbank oordeelt ten onrechte dat redelijke termijn niet is overschreden

Rechtbank oordeelt ten onrechte dat redelijke termijn niet is overschreden

Gegevens

Nummer
2022/750
Publicatiedatum
22 juni 2022
Auteur
Redactie
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2022:1519
Rubriek
Formeel belastingrecht
Trefwoord
immateriëleschadevergoeding
Relevante informatie
Art. 8:75 Awb

Rechtbank Noord-Holland heeft geoordeeld dat de termijn voor de behandeling van het bezwaar en het beroep weliswaar is overschreden met (afgerond) 1 jaar en 4 maanden, maar dat deze overschrijding voor rekening van belanghebbende dient te blijven. De gemachtigde van belanghebbende is tweemaal uitgenodigd voor een hoorgesprek. De gemachtigde had aangegeven tijdens dit gesprek een dieetverklaring over te leggen. De gemachtigde is niet verschenen bij het hoorgesprek en heeft de aangekondigde dieetverklaring eerst op 25 maart 2021 overgelegd. De redelijke termijn is volgens de rechtbank daarom niet overschreden. Het hof is het niet eens met het oordeel van de rechtbank dat sprake is van bijzondere omstandigheden op grond waarvan de redelijke termijn voor de behandeling van het bezwaar en beroep verlengd zou moeten worden. Het is niet aannemelijk geworden dat de inspecteur iets in de weg stond om eerder uitspraak op bezwaar te doen dan hij heeft gedaan (op 13 december 2019). Hij was in ieder geval niet gehouden daarmee te wachten totdat de gemachtigde van belanghebbende de dieetverklaring had overgelegd.

(Hoger beroep gegrond.)