Home

Wet op de kansspelbelasting

Geldig vanaf 1 oktober 2021
Geldig vanaf 1 oktober 2021

Wet op de kansspelbelasting

Opschrift

[Tekst geldig vanaf 01-10-2021]

Aanhef

Wij JULIANA, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz., enz., enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de belastingheffing met betrekking tot kansspelen nader te regelen;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Hoofdstuk I. Belastingplicht

Artikel 1

Onder de naam kansspelbelasting wordt een belasting geheven van:

  1. de houder van een vergunning als bedoeld in artikel 27g, eerste lid, van de Wet op de kansspelen, ten aanzien van de onder die vergunning aangeboden casinospelen, en degene die opbrengst geniet van zonder een vergunning als bedoeld in artikel 27g, eerste lid, van de Wet op de kansspelen aangeboden casinospelen in Nederland, niet zijnde kansspelen op afstand;

  2. de houder van een vergunning voor de exploitatie van speelautomaten als bedoeld in artikel 30h, eerste lid, van de Wet op de kansspelen, ten aanzien van de onder diens vergunning in Nederland geplaatste fysieke speelautomaten waarop een kansspelautomatenspel wordt gespeeld;

  3. degene die opbrengst geniet van zonder een vergunning als bedoeld in onderdeel b in Nederland geplaatste fysieke speelautomaten waarop een kansspelautomatenspel wordt gespeeld;

  4. de houder van een vergunning als bedoeld in artikel 31a, eerste lid, van de Wet op de kansspelen, ten aanzien van de onder die vergunning aangeboden kansspelen op afstand, en degene die opbrengst geniet van het tijdelijk zonder een vergunning als bedoeld in artikel 31a, eerste lid, van de Wet op de kansspelen aangeboden kansspelen op afstand;

  5. de houder van een vergunning als bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de Wet op de kansspelen ten aanzien van de onder die vergunning aangeboden sportweddenschappen en degene die opbrengst geniet van zonder een vergunning als bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de Wet op de kansspelen aangeboden sportweddenschappen in Nederland;

  6. de houder van een vergunning als bedoeld in artikel 23, eerste lid, van de Wet op de kansspelen ten aanzien van de onder die vergunning aangeboden totalisator en degene die opbrengst geniet van zonder een vergunning als bedoeld in artikel 23, eerste lid, van de Wet op de kansspelen aangeboden totalisatoren in Nederland;

  7. de gerechtigden tot de prijzen van binnenlandse kansspelen, niet zijnde kansspelen die vallen onder onderdeel a, b, c, d, e of f;

  8. de in Nederland wonende of gevestigde gerechtigden tot de prijzen van buitenlandse kansspelen, niet zijnde:

    1. 1°.

      casinospelen, kansspelautomatenspelen, sportweddenschappen en totalisatoren die worden gehouden of georganiseerd door natuurlijke personen of door lichamen van wie er een of meer wonen, onderscheidenlijk zijn gevestigd, in een lidstaat van de Europese Unie of in een staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte;

    2. 2°.

      kansspelen op afstand;

  9. de in Nederland wonende of gevestigde gerechtigden tot de prijzen van kansspelen op afstand, niet zijnde kansspelen op afstand als bedoeld in onderdeel d.

Artikel 2

1.

Onder kansspelen worden verstaan gelegenheden, gegeven tot mededinging naar:

  1. prijzen en premies, indien de aanwijzing der winnaars geschiedt door enige kansbepaling waarop de deelnemers in het algemeen geen overwegende invloed kunnen uitoefenen, met inbegrip van piramidespelen en met uitzondering van levensverzekeringen en premieleningen;

  2. prijzen en premies, uitgeloofd ten behoeve van de deelnemers aan een prijsvraag van welke aard ook, tenzij een wetenschappelijke of kunstzinnige prestatie wordt gevorderd, dan wel een prestatie waarmee het algemeen maatschappelijk belang wordt gediend.

2.

Onder kansspelen op afstand worden verstaan kansspelen die op afstand met elektronische communicatiemiddelen worden gegeven en waaraan wordt deelgenomen zonder fysiek contact met degene die gelegenheid geeft of die voor deelname aan die kansspelen ruimte en middelen ter beschikking stelt, met uitzondering van promotionele kansspelen en kansspelen waarvoor op grond van een ander artikel dan artikel 31a, eerste lid, van de Wet op de kansspelen een vergunning is verleend.

3.

Onder kansspelautomatenspel wordt verstaan een kansspel dat bestaat uit een door de speler in werking gesteld mechanisch, elektrisch of elektronisch proces, waarbij het resultaat kan leiden tot rechtstreekse of niet-rechtstreekse uitkering van prijzen, met inbegrip van extra speelduur.

4.

Onder piramidespelen worden verstaan gelegenheden waarbij deelnemers een goed afgeven of een verplichting aangaan teneinde daaruit een voordeel te verwerven dat geheel of ten dele afhankelijk is van de afgifte van een goed of het aangaan van een verplichting door latere deelnemers.

5.

Onder casinospelen worden verstaan casinospelen als bedoeld in artikel 27i van de Wet op de kansspelen, met inbegrip van spelen die naar hun aard en opzet vergelijkbaar zijn met dergelijke casinospelen.

6.

Kansspelen worden als binnenlands beschouwd, indien zij worden gehouden door natuurlijke personen of door lichamen in de zin van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, van wie een of meer in Nederland wonen of zijn gevestigd.

7.

Kansspelen worden als buitenlands beschouwd, indien zij niet vallen onder het zesde lid.

Hoofdstuk II. Voorwerp van de belasting

Artikel 3

Hoofdstuk III. Vrijstellingen

Artikel 4

Hoofdstuk IV. Tarief

Artikel 5

Hoofdstuk V. Wijze van heffing

Artikel 5a

Artikel 5b [Vervallen per 01-10-2021]

Artikel 6

Artikel 7 [Vervallen per 01-10-2021]

Artikel 8

Artikel 8a

Artikel 9 [Vervallen per 01-06-1990]

Artikel 10 [Vervallen per 01-06-1990]

Hoofdstuk VI. Strafbepaling

Artikel 11 [Vervallen per 14-07-1994]

Hoofdstuk VII. Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 12 [Vervallen per 31-12-1964]

Artikel 13 [Vervallen per 31-12-1964]

Artikel 14 [Vervallen per 31-12-1964]

Artikel 15 [Vervallen per 31-12-1964]

Artikel 16 [Vervallen per 31-12-1964]

Artikel 17 [Vervallen per 31-12-1964]

Artikel 18 [Vervallen per 31-12-1964]

Artikel 19

Artikel 20